|
Overzicht INFORMATIE
SCHOOLLEVEN
HISTORIEK
ARCHIEF
Handzamestraat 18
@mmikortemark.be Campus
Onze-Lieve-Vrouw van Troost
Campus Huilaert
Links
ANDERE LINKS
|
|||||||||||
![]() |
|||||||||||
|
Margareta-Maria-Instituut
Kortemark 7de jaar Se-n-se (TSO) Leefgroepenwerking
|
Aangepast 2010-02-24 00:19
|
||||||||||
|
De cursussen hebben plaats in de campus Huilaert.
Toelatingsvoorwaarden (Omzendbrief
S.O. 64 zoals gewijzigd):
o 6de jaar Jeugd- en gehandicaptenzorg TSO o 6de jaar Sociale en Technische Wetenschappen TSO o 6de jaar Gezondheids- en welzijnswetenschappen TSO o 7de jaar Kinderzorg BSO o 7de jaar Organisatie-Assistentie BSO o 7de jaar
Thuis- en bejaardenzorg / zorgkundige BSO
o Heb je minimum één volledig jaar hoger onderwijs gevolgd binnen de pedagogische, agogische of paramedische sector (al dan niet met vrucht) dan geeft de toelatingsklassenraad automatisch gunstig advies omdat je al tijdens dit jaar een aantal competenties hebt verworven. Dit is ook zo als je HBO Verpleegkunde volgde. o Is dat niet het geval dan word je vooraf uitgenodigd voor een toelatingsproef. Een afvaardiging van de toelatingsklassenraad peilt o.a. naar je motivatie en mogelijkheden en naar de competenties die je mogelijks al verworven hebt. Het gaat hier om kandidaten die: uit het 6de ASO of TSO of 7de jaar BSO van een ander studiegebied komen dan vermeld hierboven; hoger onderwijs volgden uit de studiegebieden hierboven vermeld maar die dit jaar niet volledig gevolgd hebben één of meerdere jaren hoger onderwijs volgden in andere studiegebieden dan hierboven vermeld. Na afloop van dit gesprek komt de toelatingsklassenraad samen en beslist over het al of niet toelaten en licht je hierover dadelijk in.
Inschrijvingsdata Te bezorgen documenten bij inschrijving
Leerlingen die met vrucht slagen, krijgen:
Bedoeling van deze opleiding
Meer dan twintig jaar ervaring
...
Dit 7de specialisatiejaar richt zich tot leerlingen die:
De tewerkstellingsmogelijkheden voor onze afgestudeerde
opvoed(st)er / begeleid(st)er blijven
nog steeds vrij gunstig. De meeste afgestudeerden die als opvoed(st)er
(begeleid(st)er) werk hebben gezocht, oefenen momenteel ook hun beroep
uit. In
heel wat gevallen vind je werk als opvoed(st)er A2 in één
van de stageplaatsen (men spreekt van begeleid(st)er als het om
volwassenen gaat). Je
tewerkstellingsterrein omvat een heel ruime waaier aan voorzieningen voor
kinderen, jongeren, volwassenen en bejaarden met een beperking of in een
problematische opvoedingssituatie. We hebben het hier dus over
personen met een verstandelijke en fysieke beperking, kinderen met gedragsproblemen,
mensen met een visuele (blind of slechtziend) of een auditieve (doof of
slechthorend) beperking, mensen met meervoudige beperkingen, kinderen en
jongeren in een problematische opvoedingssituatie, … Recente
evoluties op de arbeidsmarkt maken het steeds meer mogelijk dat toekomstig
afgestudeerde opvoed(st)ers A2 ook werk vinden als vb. begeleidend
animator bij bejaarden of ingeschakeld worden in
kinderopvangcentra en buitenschoolse opvang. In
de studierichting Jeugd- en Gehandicaptenzorg volgt onze school daarom
uiteraard op de voet de actuele tendensen in de sector. Wij zien heel wat oud-leerlingen als opvoed(st)er / begeleid(st)er werken in voorzieningen zoals het VZW Gehandicaptenzorg Maria Ter Engelen (Klerken, Dominiek Savio Instituut (Hooglede-Gits), de Engelbewaarder en Rozenweelde (Aartrijke), Sint-Jan de Deo (Handzame), de Rozenkrans (Oostduinkerke), O.C. Kerckstede (Oostnieuwkerke), O.C. Sint-Idesbald (Roeselare), De Lovie (Proven en diverse bijhuizen), O.C. Ter Dreve en Ons Erf (beiden St. Michiels Brugge), K.M.P.I. Spermalie (Brugge) en recent reeds enkelen als animator (animatrice) in Rust- en Verzorgingstehuizen (bejaardenzorg) en (naschoolse) kinderopvang.
De leerstof van de algemene en pedagogische vakken, de seminaries en de stage zijn zo verdeeld en gespreid dat een nieuwe lichting studenten op twee data kan instappen: 1 september en 1 februari. Wie dus op 1 februari start, kan probleemloos aansluiten bij de groep die het vorig semester al is ingestapt. Want de eerste veertien dagen van het nieuwe semester voorzien we een express-cursus voor de nieuwkomers. Daarin krijgen ze de minimale pedagogische kennis die noodzakelijk is om op een verantwoorde en optimale manier de lessen te volgen en stage te doen. Thema’s die behandeld worden zijn o.a. visie op zorg, observeren, mensen met een verstandelijke beperking, grondhoudingen, omgaan met feedback, activiteiten voorbereiden, … Intussen krijgen de studenten die reeds een semester achter de rug hebben zinvolle opdrachten: kennismakingsspelen voorbereiden, een activiteit voor de hele groep voorbereiden en begeleiden, studiebezoeken, sprekers, vorming door het VMG, zelfstandig het leerstofonderdeel over syndromen voorbereiden, … De blokstage is eveneens opgedeeld in twee delen. De student maakt kennis met twee verschillende voorzieningen. Afhankelijk van de structuur van het schooljaar, loopt de eerste stage in de periode november - december en de tweede stage in de periode maart - mei. Na de eerste periode volgt een tussentijdse evaluatie en worden de studenten bijgestuurd tegen de tweede periode.
De
ALGEMENE VAKKEN zijn beroepsgericht, d.w.z. dat ze
zoveel mogelijk kennis en inzichten meegeven die onmiddellijk bruikbaar zijn
bij het uitoefenen van het beroep van opvoed(st)er / begeleid(st)er. We
geven enkele voorbeelden : In de lessen Godsdienst wordt de problematiek van beperkingen-hebben langs diep-menselijke weg benaderd. Hoe komen deze mensen ertoe zichzelf te aanvaarden en weer zin in hun leven te vinden ? Het geloof, zowel van de persoon met een beperking als van de begeleider, kan hierbij een degelijke steun betekenen. Er wordt dan ook nagegaan, hoe mensen met een verstandelijke beperking religieus kunnen begeleid worden. In de cursus Nederlands wordt naast vakgerichte woordenschatuitbreiding en beroepsgerichte schrijfoefeningen heel wat aandacht besteed aan de studie van de kinder- en jeugdliteratuur. Epiek, lyriek en dramatiek worden behandeld zowel naar hun specifieke aard (personages, stijl, vorm) als naar hun voorkomen en productie, gaande van traditionele vormen tot de moderne kinder- en jeugdliteratuur.
De PEDAGOGISCHE VAKKEN - SEMINARIE zijn uiteraard specifiek voor de richting en bereiden direct voor op het beroep van opvoeder. Het nieuwe leerplan maakt een aanpak gericht op competentieontwikkelend leren mogelijk. Dat wil zeggen dat de organisatie van het hele leerproces erop gericht is leerlingen de kans te bieden de doelstellingen van het studierichtingprofiel als een samenhangend geheel te laten bereiken. Die doelstellingen zijn de vertaling van competenties. Een competentie is een geheel van vaardigheden, kennis, attitudes en persoonskenmerken dat door een persoon wordt ontwikkeld en gehanteerd in beroepsgerichte situaties. In het competentieontwikkelend denken vormen niet de vakken het uitgangspunt, wel de competenties. Kennis en vaardigheden zijn nodig om een competentie te verwerven en worden daarbinnen dan ook gekaderd. Ze worden dan ook best in de context geleerd. Voor dit leerplan is de context die van de orthopedagogische sector. Voor meer details verwijzen we naar het leerplan van het Vlaams Verbond Katholiek Secundair Onderwijs (VVKSO).
Dit veronderstelt samenwerkingsvaardigheden, kennis van de orthopedagogische sector, rapportage- en vergadervaardigheden,… Competentie 2: individuele begeleiding van cliënten en hun netwerk zodat hun kwaliteit van bestaan bevorderd wordt Dit veronderstelt kennis van beperkingen, specifieke problematieken, ontwikkelingspsychologische kennis, alsook kennis en vaardigheden over begeleiding van cliënten en hun sociaal netwerk. Aandacht gaat naar begeleiding bij wonen (verzorging, maaltijden, huishoudelijke taken,…), bij werken (dagbesteding), bij vrije tijd. We staan ook stil bij grondhoudingen en de emancipatorische basisvisie. Competentie 3: het groepsgebeuren begeleiden Dit houdt in organisatorische vaardigheden, gespreksvaardigheden, vaardigheden op vlak van animatie, maar ook kennis over groepsprocessen, leiderschap, enz.
Om deze drie competenties te
bereiken kozen we voor
modules:
Praktijkervaringen via projecten en stage-ervaringen maken een integraal deel uit van de opleiding waarbij belang gehecht wordt aan kwalitatief sterke praktijk- en stageplaatsen met competente stagementoren. De stagiairs maken kennis met de enorme diversiteit die er in het werkveld te vinden is. Stagementoren en stagebegeleiders beschikken over zowel vakdeskundigheid als vermogen tot geven van feedback en begeleiding. De stage wordt als volgt georganiseerd:
Campus Huilaert
Amersveldestraat 84
De campus Huilaert bevindt zich op een 15-tal minuten stappen van het treinstation en is vandaar ook met de fiets gemakkelijk te bereiken via het fietspad aangelegd in de vroegere spoorwegbedding Torhout-Ieper.
Vermits enkel het 7de jaar Leefgroepenwerking
daar cursussen volgt, genieten de aspirant opvoeders van een eigen
regime waar, gezien hun leeftijd, in hoge mate beroep wordt gedaan op
verantwoordelijkheid en eerbied voor gemaakte afspraken. De site leent
zich bovendien uitstekend voor expressieactiviteiten en projecten,
zonder dat de andere klassen of leerjaren hierdoor worden gestoord. Tijdens de middagpauze van 12.15 tot 13.05 uur, kunnen ze ter plaatse hun lunchpakket aanspreken. Ze kunnen er frisdrank halen uit de automaat en in het keukentje is er warmwater en microgolfoven ter beschikking. Wie een volle maaltijd verlangt, kan die nemen in de hoofdvestiging aan de Handzamestraat. Een eetkaart (voor 20 warme maaltijden) kost € 63,00. Niemand is echter verplicht om elke dag een volle maaltijd te bestellen. Het menu is vooraf te vinden op de website.
|
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
||||||||||
Voor vragen en/of suggesties, contacteer John Aspeslagh